Archief

huidige werk >

Ifigeneia in aulis

Een leger is gestrand in de havenstad Aulis, door een gebrek aan wind kunnen de schepen niet uitvaren. Duizenden soldaten wachten op verandering; Gefrustreerd, vol testosteron en vechtlust. Op het toneel staan honderd shootingdummies, kanonnenvlees opgesteld zoals het terracottaleger in China. Een replica van een mobiele politiepost staat opgesteld tussen de poppen. De legerleider kan zich daar verschansen uit angst voor de massa.

Stillen

Beeldende voorstelling over kwetsbare tastende lichamen die elkaar opzoeken en voor even vasthouden. Op de vloer liggen 37000 stukjes glycerinezeep. Ze voeden de huid van de performers. Maar als de vloer nat wordt, ontnemen ze hen ook van alle houvast.

After life

Mensen worden, in het hiernamaals, gevraagd het belangrijkste moment van hun leven te benoemen. Het toneelbeeld van de opera is een distributiecentrum, een doorvoerhaven voor honderden meubels, weggehaald bij het Amsterdamse straatvuil. Twee glazen projectieschermen werken als “scanners”, de projecties geven betekenis aan alles wat gewoon en onbeduidend lijkt.

Crave

Vier personen wegen de waarde van hun leven. Ze praten over het verlangen naar liefde en de mogelijkheid van zelfmoord. Ze schreeuwen, huilen, zingen en komen tot rust. Een koelcel staat tegen de tribune, pal voor de toeschouwers. Gaandeweg verlaat het koude licht de container.

Tape

Twee vrienden zitten in een hotelkamer. De een probeert de ander de verkrachting van zijn jeugdvriendin te laten bekennen. De hotelkamer is door rolluiken afgesloten. Via beveiligingscamera’s ziet de toeschouwer wat er in de kamer gebeurt, de personages lijken bij voorbaat verdacht. Tot de rolluiken zich openen en de geprojecteerde bewijslast verdwijnt.

Zonde

Montagevoorstelling over de zeven hoofdzonden. Een theaterzaal is omgebouwd tot kerk. Tussen het publiek staat een plantenkas, als equivalent van het paradijs. De naakte acteurs zijn aan het zicht onttrokken door een grote hoeveelheid wierook. Tot de deur van de kas opengaat, en de rook de kas verlaat.

De val

In de tekst van Albert Camus raakt een Franse advocaat aan lagerwal op de Amsterdamse wallen. Toeschouwers zitten samen met de acteur aan een ronde neon-verlichte bar. Er wordt jenever geschonken. Op de bar ligt een grote hoeveelheid smeltende ijsblokken. Langzaam ontstaat het beeld van een “huilende” bar.

Leeftijd

Montagevoorstelling over de tijd die verstrijkt. Vanuit een gat in het plafond van het theater stort een grote hoeveelheid piepschuimballetjes zich op het toneel, als een leeglopende zandloper. Acteurs en rekwisieten verdwijnen en verschijnen in dit kunstmatige sneeuwlandschap.

Moeder Afrika

Kindervoorstelling over de slavernij. Rondom het publiek staat een stellingkast. De kleurlingen worden, opgesloten in kooien, gereduceerd tot handelsgoederen. Wanneer een groot doek over de kast hangt, zit het publiek zelf opgesloten in een donker magazijn.

Pop

Montagevoorstelling over de popindustrie waar imago belangrijker is dan persoonlijkheid. De popster zit in een kooi/ boksring tussen het publiek; hij is slachtoffer en afgod. De hele ruimte is afgesloten met spiegels. De artiest wordt tot in het oneindige gedupliceerd.

Liefdeslounge

“Mierzoete” voorstelling over de liefde. Een armoedige ruimte van houten klossen vormt een hangplek voor de jonge spelers. Het gevoel van vrijblijvende verliefdheid en geilheid verandert langzaam in dat van onvoorwaardelijke liefde. Een geurend bad van gesmolten bijenwas stolt tijdens de voorstelling.

Karkas

Uit losse klanken ontwikkelt zich een dwingend muziekstuk, als een machine die langzaam op gang komt. Toeschouwers zien op een projectiescherm de omgekeerde explosie van een concertvleugel: Bij aanvang een verlaten landschap, vliegende snaren, hamertjes en stukken hout, na een uur de intacte vleugel. Resten van de explosie liggen tussen het orkest op snijtafels.